Noten leren lezen – De G sleutel

Je kunt deze les als een video bekijken (hieronder), maar je kunt deze les onder de video ook gewoon lezen.
Voor de interactieve oefeningen die bij deze les horen, scroll helemaal naar beneden op deze pagina.

Muzieknoten worden op een notenbalk genoteerd. Een notenbalk bestaat uit 5 horizontale lijntjes.

notenbalk

De noten worden op of tussen de lijntjes geplaatst. In deze eerste les over noten leren lezen leer je hoe je de noten op zo’n notenbalk moet noteren.

De G sleutel

Voor de piano worden twee verschillende notenbalken gebruikt: één voor de linkerhand en één voor de rechterhand.

Deze worden boven elkaar weergegeven, zoals je in het volgende voorbeeld kunt zien.

notenbalken

We gaan het nu eerst hebben over de bovenste notenbalk, deze is voor de rechterhand.*

* In sommige (vrij zeldzame) gevallen worden noten op de bovenste notenbalk met de linkerhand gespeeld, of noten op de onderste notenbalk met de rechterhand. Voor ons geldt echter voor nu: de bovenste notenbalk is voor de rechterhand en de onderste voor de linkerhand.

Het symbool voor de G sleutel

De bovenste notenbalk begint met het volgende symbool:

G-sleutel

Dat is het symbool voor de G sleutel.

De noten op een notenbalk met G sleutel

De notenbalk met een G sleutel is over het algemeen voor noten vanaf de centrale C en hoger (dus aan de rechterkant van de centrale C op het klavier). Je kunt echter ook noten erop weergeven die lager zijn dan de centrale C, dat wordt zelfs vrij regelmatig gedaan.

Maar laten we eerst eens kijken naar de noten die op en tussen de lijntjes van een notenbalk met een G sleutel worden weergegeven.

De noot die op het laagste lijntje wordt weergegeven is een E. Het is de E die een grote terts hoger is dan de centrale C op het klavier.

Noot E op notenbalk met G-sleutel

De volgende noot is de F die meteen naast de hierboven genoemde E ligt en die tussen de twee onderste lijntjes van de notenbalk ligt.

Noot F op notenbalk met G-sleutel

Daarna komt de noot G, op de één na onderste lijn van de notenbalk.

Noot G op notenbalk met G-sleutel

En zo gaan we door. Hiermee kunnen de volgende noten (die allemaal overeenkomen met witte toets-noten) op de notenbalk met een G sleutel weergeven.

Noten op notenbalk met G-sleutel

Er zijn verschillende manieren die je in het begin kunt gebruiken om je de positie te herinneren van de noten op de notenbalk:

  • Het gebogen lijntje van de G sleutel eindigt op de lijn in de notenbalk waar de noot G wordt weergegeven.
  • Voor de noten die op de lijnen van de notenbalk worden weergegeven (die niet die ertussen), kun je bijvoorbeeld het volgende ezelsbruggetje gebruiken:

Eet Groenten Bij De Friet”

ezelsbruggetje 1 notenbalk G-sleutel

Of je kunt zelf een zin bedenken, bijvoorbeeld:

Een Grote Beer Die Fietst”

ezelsbruggetje 2 notenbalk G-sleutel

Noten die buiten de notenbalk vallen

Ik vermeldde hierboven al: de notenbalk met G sleutel is voor de noten vanaf de centrale C en hoger. Maar hoe valt dit te rijmen met het feit dat de noot op de laagste lijn de E net boven de centrale C is?

We kunnen dit oplossen door extra hulplijnen te trekken.

Eerst de noot D (net onder de E). Dat is makkelijk, we hoeven daarvoor niet eens een hulplijn te trekken:

Noot D op notenbalk met G-sleutel

Voor de centrale C is ons eerste hulplijntje noodzakelijk:

Noot C op notenbalk met G-sleutel

Gaan we net onder dat hulplijntje zitten, dan kunnen we zelfs lager gaan dan de centrale C. Hier is de noot B die net onder de centrale C zit:

Noot B op notenbalk met G-sleutel

En voor de A trekken we gewoon een 2de hulplijntje:

Noot A op notenbalk met G-sleutel

Voor lagere noten kunnen we zelfs nog meer hulplijntjes trekken, je kunt er in principe zo veel maken als je zou willen, maar hoe meer van die lijntjes, hoe moeilijker het wordt om snel een noot te kunnen lezen…

Ik zou zeggen dat tot zo’n 3 à 4 hulplijntjes nog redelijk leesbaar is, daarna wordt het echt lastig en kun je beter gebruik maken van de onderste notenbalk, die voor de linkerhand. Die notenbalk heeft geen G sleutel, maar een F sleutel en zullen we in een latere les zien.

OK, zoals je hulplijntjes onder de notenbalk kunt maken, kun je ook extra lijntjes boven de notenbalk gebruiken voor noten hoger dan de F op de bovenste lijn van de notenbalk.

Kun jij zien welke noot hieronder wordt weergegeven?

De hoge E op notenbalk met G-sleutel

Ik hoop dat je het zelf gevonden hebt…

Zo niet: het is een E!

Dit is nog niet alles

Misschien had je al in de gaten dat nog niet alles is gezegd over de noten op een notenbalk.

  • We hebben nog niet gesproken over de onderste notenbalk, die voor de linkerhand. Dit zal in een latere les gebeuren.
  • De noten die je nu geleerd hebt, zijn alleen maar ‘witte toets-noten’. In een volgende les zal ik uitleggen hoe je noten met een kruis of met een mol kunt weergeven op de notenbalk.

En zoals altijd is het belangrijk om te oefenen met de opgedane kennis, zodat je straks zonder problemen  snel notenschrift kunt lezen (zonder dat je daar nog ezelsbruggetjes voor nodig hebt, want daar heb je geen tijd voor als je snel ‘met de muziek mee’ wilt kunnen lezen).

Wil je snel noten leren lezen? De onderstaande oefening zal je daarbij zeker helpen.

Aanbevolen oefening

Plaats noten uit een G sleutel op een pianoklavier

Verminderd akkoord (dim akkoord)

Als je net begint met muziek(theorie), dan zul je zeer waarschijnlijk nog niet met verminderd akkoorden worden geconfronteerd en zou je deze les eigenlijk kunnen overslaan.

Ik heb ervoor gekozen deze les wel op te nemen, aangezien verminderd akkoorden wel degelijk voorkomen (maar aanzienlijk minder vaak dan majeur en mineur akkoorden). Het half verminderd akkoord (zie hieronder) komt eigenlijk bijna alleen maar in jazz voor.

Als je van plan bent ooit jazz muziek te maken, dan is deze les zeker belangrijk (maar je kunt er in een later stadium op terug komen).

Je kunt deze les als een video bekijken (hieronder), maar je kunt deze les onder de video ook gewoon lezen.

Een verminderd akkoord heeft (net als een mineur akkoord) een kleine terts-interval tussen de eerste 2 akkoord-noten.

Het verschil zit hem in de 3de akkoord-noot, zoals je in deze les zult ontdekken.

Net zoals met mineur en majeur akkoorden, kun je verminderde drieklanken en verminderde septiem akkoorden creëren.

De engelstalige benaming voor verminderd is ‘diminished’. Ook in het Nederlands wordt vaak de engelstalige term ‘diminished’ gebruikt in plaats van ‘verminderd’ en vaak wordt het afgekort tot ‘dim akkoord’.

Wil je horen hoe de verschillende soorten akkoorden klinken, ga dan naar de les “Wat zijn akkoorden? Hoe klinken ze?”.

Verminderde drieklanken

De 3 noten van een verminderde drieklank zijn:

  • De grondtoon (zoals voor alle akkoorden)
  • De kleine terts (net zoals in een mineur akkoord)
  • De verminderde kwint (dus de 5de noot van een majeur of mineur toonladder, verlaagd met een halve toon)

Hieronder volgen 3 voorbeelden:

De C verminderd drieklank

De 3 noten zijn:

  • C (de grondtoon)
  • Es (Eb) (de kleine terts)
  • Ges (Gb) (de verminderde kwint)

C dim drieklank

De A verminderd drieklank

De 3 noten zijn:

  • A (de grondtoon)
  • C (de kleine terts)
  • Es (Eb) (de verminderde kwint)

A dim drieklank

De Es (Eb) verminderd drieklank

De 3 noten zijn:

  • Es (Eb) (de grondtoon)
  • Ges (Gb) (de kleine terts)
  • Beses (Bbb) (de verminderde kwint)*

Es dim drieklank

* Beses (Bbb) is natuurlijk enharmonisch gelijk aan A. Waarom noem ik dan deze noot Beses en niet A? Bedenk dat het een verminderde kwint is. De (reine) kwint is een Bes, verlagen we die met een halve toon, dan krijgen we Beses. Het woord ‘kwint’ betekent ‘vijfde’. Je moet dus, gerekend vanaf Es (=letter E), de 5de noot (5de letter) nemen:

 kwint betekent vijfde

En dat is B, niet A.

Je kunt ook één van de regels toepassen die we in de les over majeur toonladders hebben geleerd, dit levert hetzelfde resultaat: Beses.

Notatie van verminderde drieklanken

Verminderde drieklanken kunnen worden genoteerd als (voorbeeld voor C verminderd drieklank):

  • Cdim

Half verminderd akkoord (half verminderd septiem akkoord)

Net zoals het geval was bij majeur en mineur akkoorden, kun je ook nu weer de septiem toevoegen.

Als je de kleine septiem toevoegt aan een verminderde drieklank, dan krijg je een half verminderd akkoord.

Laat ik dit eerst toelichten aan de hand van een C half verminderd akkoord.

De C verminderd drieklank is:

C         Es (Eb)         Ges (Gb)

De kleine septiem (in de grondtoon C) is Bes. Voegen we deze toe aan de C verminderd drieklank, dan verkrijgen we uiteindelijk C half verminderd:

C      Es (Eb)      Ges (Gb)      Bes (Bb)

C half verminderd akkoord

Nog twee voorbeelden:

A half verminderd

We beginnen met de A verminderd drieklank:

A      C      Es (Eb)

En voegen daar de klein septiem (G) aan toe. En hier is A half verminderd:

A      C      Es (Eb)      G

A half verminderd akkoord

Es (Eb) half verminderd

We beginnen met de Es verminderd drieklank:

Es (Eb)      Ges (Gb)      Beses (Bbb)

En voegen daar de klein septiem (Des) aan toe. En hier is Es half verminderd:

Es (Eb)      Ges (Gb)      Beses (Bbb)      Des (Db)

Es half verminderd akkoord

Notatie van het half verminderd akkoord

Half verminderde akkoorden kunnen worden genoteerd als (voorbeeld voor C half verminderd):

  • CØ
  • Cm7b5

CØ is een mooie en korte notatie, maar de notatie Cm7b5 laat eigenlijk veel beter zien wat er aan de hand is in dit akkoord:

  • De ‘m’ staat voor mineur, want we hebben een kleine terts
  • De ‘7’ staat voor de septiem in het akkoord, in dit geval een klein septiem
  • De ‘b5’ staat voor de verminderde kwint

Een half verminderd akkoord is te beschouwen als een mineur akkoord (maar dan met een verminderde kwint).

Zoals gezegd, dit akkoord komt voornamelijk in jazz voor (en wordt daar veelvuldig gebruikt), maar nauwelijks daarbuiten. Het half verminderd akkoord is dan ook niet het dim akkoord waar ik in de introductie van deze les over sprak, dat komt hieronder:

Verminderd septiem akkoord (dim akkoord)

Het verminderd septiem akkoord wordt vaak afgekort tot ‘dim akkoord’, wat van het engelstalige ‘diminished’ komt en wat verminderd betekent.

Het verschil met een half verminderd akkoord is dat de septiem geen klein septiem is, maar een verminderd septiem.

Als je niet meer precies weet wat een verminderd septiem is, kijk dan even terug in de les over intervallen.

Een verminderd septiem akkoord (dim akkoord) bestaat dus uit een verminderde drieklank met een toegevoegde verminderde septiem.

Laat ik dat toelichten aan de hand van 3 voorbeelden:

C dim akkoord

De C verminderde drieklank is:

C      Es (Eb)      Ges (Gb)

De verminderde septiem is: Beses (Bbb). C dim bestaat dus uit de volgende noten:

C      Es (Eb)      Ges (Gb)      Beses (Bbb)*

C dim akkoord

* Beses (Bbb) is enharmonisch gelijk aan de noot A. Toch schrijven we hier niet A (alhoewel je het soms toch met A ziet geschreven), aangezien het een septiem is, dus 7de noot. De 7de noot (vanaf de grondtoon C gerekend) is de letter B, niet A (zie ook de opmerking die ik hierboven bij half verminderde akkoorden schreef).

A dim akkoord

De A verminderde drieklank is:

A      C      Es (Eb)

De verminderde septiem is: Ges (Gb). A dim bestaat dus uit de volgende noten:

A      C      Es (Eb)      Ges (Gb)

A dim akkoord

Es (Eb) dim akkoord

De Es verminderde drieklank is:

Es (Eb)      Ges (Gb)      Beses (Bbb)

De verminderde septiem is: Deses (Dbb). Es dim bestaat dus uit de volgende noten:

Es (Eb)      Ges (Gb)      Beses (Bbb)      Deses (Dbb)*

Es dim akkoord

* Deses (Dbb) is enharmonisch gelijk aan C. Zie de opmerking hierboven voor meer informatie.

Andere manier om tegen dim akkoorden aan te kijken

Een andere manier tegen een dim akkoord aan te kijken is om deze te zien als een opstapeling van verschillende kleine terts intervallen. Kijk maar eens naar het C dim akkoord:

kleine tertsen

Laten we dit principe eens toepassen om bijvoorbeeld  het G dim akkoord te vinden:

  • Begin op de grondtoon G
  • Ga een kleine terts omhoog naar Bes (Bb)
  • Weer een kleine terts omhoog naar Des (Db)
  • Nog een kleine terts omhoog naar Fes (Fb)

G dim akkoord

En ja: we schrijven Fes (Fb) in plaats van E, aangezien de 7de noot gerekend vanaf G de letter F moet bevatten.

Notatie van dim akkoorden

Dim akkoorden kunnen worden genoteerd als (voorbeeld voor C dim akkoord):

  • Cο7
  • Cdim7

De andere verminderde akkoorden

Verminderd septiem akkoorden (dim akkoorden)

Voordat je begint de dim akkoorden uit te zoeken van alle 12 grondtonen…heb ik goed nieuws: er zijn geen 12 verschillende dim akkoorden, maar slechts 3! Dit geldt overigens alleen voor de dim akkoorden, niet voor half verminderde akkoorden, daar zijn er wel gewoon 12 van.

Hoe kan dat? Je kunt toch voor alle 12 grondtonen een dim akkoord creëren? Laat ik het uitleggen:

Kijk eens naar het Cdim7 akkoord, het Es (Eb) dim7 akkoord en het Adim7 akkoord op een pianoklavier:

C dim Es dim en A dim akkoorden

Zie je dat alle 3 de akkoorden uit precies dezelfde noten bestaan? De 3 akkoorden zijn dus precies gelijk, het zijn gewoon dezelfde akkoorden (alleen in een andere omkering).

Ik kan er zelfs nog één toevoegen: het Ges (of Fis) dim7 akkoord. Dat bestaat ook uit dezelfde noten:

Ges dim akkoord

En eigenlijk is dat niet zo gek: aangezien een dim akkoord uit een opstapeling van kleine tertsen bestaat, zijn de dim akkoorden die een grondtoon hebben die een kleine terts uit elkaar liggen gelijk.

Er is dus telkens een groepje van 4 grondtonen die hetzelfde dim akkoord delen.

Aangezien er 12 verschillende grondtonen zijn, levert dat dus 3 verschillende dim akkoorden op.

Hiermee kunnen we alle dim akkoorden in de volgende eenvoudige tabel zetten.

Voor de eenvoud heb ik in de tabel de enharmonisch gelijke noten gebruikt met de eenvoudigste notatie (ik heb dus bijvoorbeeld Beses (Bbb) gewoon als A geschreven).

dim akkoord:Noten in akkoord:
C07, Eb07, Gb07, A07C Eb Gb A
Db07, E07, G07, Bb07Db E G Bb
D07, F07, Ab07, B07D F Ab B

Opmerking: voor de dim akkoorden met een zwarte toets-grondtoon heb ik slechts één variant opgeschreven. Zoek je bijvoorbeeld naar D#Ο7, kijk dan in de tabel naar EbΟ7.

Half verminderde akkoorden

En hier is de tabel met alle 12 half verminderd septiem akkoorden (maar het zou natuurlijk goed zijn ze eerst zelf te bepalen en daarna met behulp van deze tabel je antwoorden te controleren):

Half verminderd akkoord:Noten in het akkoord:
Cm7b5C Eb Gb Bb
Dm7b5D F Ab C
Em7b5E G Bb D
Fm7b5F Ab Cb Eb
Gm7b5G Bb Db F
Am7b5A C Eb G
Bm7b5B D F A
Dbm7b5
C#m7b5
Db Fb Abb Cb
C# E G B
Ebm7b5
D#m7b5
Eb Gb Bbb Db
D# F# A C#
Gbm7b5
F#m7b5
Gb Bbb Dbb Fb
F# A C E
Abm7b5
G#m7b5
Ab Cb Ebb Gb
G# B D F#
Bbm7b5
A#m7b5
Bb Db Fb Ab
A# C# E G#

Akkoord omkeringen (inversies) – Verschillende manieren om hetzelfde akkoord te spelen

Je kunt deze les als een video bekijken (hieronder), maar je kunt deze les onder de video ook gewoon lezen.
Voor de interactieve oefeningen die bij deze les horen, scroll helemaal naar beneden op deze pagina.

Met behulp van akkoord-omkeringen kan een akkoord op verschillende manieren gespeeld worden. Dat kan handig zijn, bijvoorbeeld voor meer variatie.

Omkeringen van akkoorden in een drieklank

Grondligging

Laat ik beginnen met een C majeur drieklank:   C    E    G

Op een pianoklavier ziet dat er als volgt uit:

C majeur drieklank

Je ziet dat de grondtoon C de laagste noot is in deze drieklank.

Als we de C majeur drieklank op deze manier spelen, dan moeten we dat de C majeur drieklank in grondligging.

Eerste omkering

We kunnen de laagste noot (C) ook een octaaf hoger spelen en de E en de G laten waar ze zijn. We spelen dan nog steeds dezelfde noten (dus we hebben nog steeds een C majeur drieklank), alleen is de volgorde van de noten anders, de E is nu de laagste noot:

E    G    C    (zie figuur)

C majeur 1ste omkering

We noemen dit de 1ste omkering van een C majeur drieklank.

Tweede omkering

Als we nu weer de laagste noot een octaaf omhoog bewegen (ditmaal de E), dan krijgen we de C majeur drieklank in 2de omkering:

G    C    E    (zie figuur)

C majeur 2de omkering

Als we nu weer de laagste noot een octaaf omhoog brengen (nu dus de G), dan is de grondtoon C weer de laagste noot en zijn we dus weer terug in de grondligging.

Met een drieklank kun je dus 3 verschillende omkeringen (of inversies) maken.

Je kunt deze omkeringen bij alle drieklanken toepassen, of het nou majeur-, mineur- of andere drieklanken zijn (bijvoorbeeld verminderde drieklanken (worden in een volgende les besproken)).

Hoe klinken de verschillende omkeringen van een C majeur drieklank?

In de volgende geluidsfragmenten kun je luisteren naar hoe de C majeur drieklank klinkt in de verschillende omkeringen.

C majeur drieklank (grondligging):

C majeur drieklank (1ste omkering):

C majeur drieklank (2de omkering):

Akkoord omkeringen van septiem akkoorden

We kunnen deze ‘truukjes’ natuurlijk ook toepassen bij de verschillende septiem akkoorden.

Ik neem een C dominant septiem akkoord als voorbeeld.

In de grondligging is dat:    C    E    G    Bes    (zie figuur)

C dominant septiem

De 1ste omkering ontstaat door de grondtoon C met een octaaf te verhogen:

E    G    Bes    C    (zie figuur)

C dominant septiem 1ste omkering

En zo gaan we op dezelfde manier door: dit is C dominant septiem in 2de omkering:

G    Bes    C    E    (zie figuur)

C dominant septiem 2de omkering

En dit is C dominant septiem in 3de omkering:

Bes    C    E    G    (zie figuur)

C dominant septiem 3de omkering

Als we nu de Bes  met een octaaf verhogen, dan wordt C (de grondtoon) weer de laagste noot en zijn we weer terug in grondligging.

Zoals je ziet, zijn er 4 verschillende omkeringen voor septiem akkoorden.

De omkeringen zoals hier getoond bij het C dominant septiem akkoord kunnen natuurlijk ook gemaakt worden bij elk ander septiem akkoord, majeur of mineur, enzoverder.

Hoe klinken de verschillende omkeringen van een C dominant septiem akkoord?

C dominant septiem akkoord (grondligging):

C dominant septiem akkoord (1ste omkering):

C dominant septiem akkoord (2de omkering):

C dominant septiem akkoord (3de omkering):

Het duurt normaal gesproken wel eventjes voordat je akkoord-omkeringen goed in de vingers hebt. Het is daarom belangrijk hier veel mee aan de slag te gaan.

De onderstaande interactieve oefeningen zijn uitstekend om snel en op zeer efficiente manier akkoord-inversies te leren.

De oefeningen gaan van makkelijk tot moeilijk, doe ze daarom in de hieronder aangegeven volgorde.

Aanbevolen oefeningen

Drieklanken met omkeringen

Plaats de noten van een majeur drieklank op een pianoklavier (met omkeringen)

Plaats de noten van een mineur drieklank op een pianoklavier (met omkeringen)

Septiem akkoorden met omkeringen

Plaats de noten van een dominant septiem akkoord op een pianoklavier (met omkeringen)

Plaats de noten van een mineur septiem akkoord op een pianoklavier (met omkeringen)

Plaats de noten van een majeur septiem akkoord op een pianoklavier (met omkeringen)

Mix van alle septiem akkoorden

Plaats de noten van een mineur/dominant/majeur septiem akkoord op een pianoklavier (met omkeringen)

Mineur akkoorden

Je kunt deze les als een video bekijken (hieronder), maar je kunt deze les onder de video ook gewoon lezen.
Voor de interactieve oefeningen die bij deze les horen, scroll helemaal naar beneden op deze pagina.

Hoe worden mineur akkoorden gevormd ? De belangrijkste eigenschap van een mineur akkoord is de aanwezigheid van een kleine terts interval tussen de grondtoon en de 2de noot van het mineur akkoord. Je kunt mineur drieklanken en ook mineur akkoorden met een septiem maken.

Wil je horen hoe de verschillende soorten akkoorden klinken, ga dan naar de les “Wat zijn akkoorden? Hoe klinken ze?”.

Mineur drieklanken

Een mineur drieklank wordt gevormd door de grondtoon (1ste), 3de en 5de noot van de mineur toonladder te nemen.

Voorbeeld: de C mineur drieklank wordt gevormd door de grondtoon, 3de en 5de noot van de C mineur toonladder. De C natuurlijk mineur toonladder is natuurlijk bekend:

C    D    Es    F    Ges    As    B    C

De 1ste, 3de en 5de noot zijn:

C    Es    G

C mineur drieklank

De bovenstaande 3 noten vormen dus bij elkaar de C mineur drieklank.

Merk op dat het interval tussen de grondtoon C en de 2de noot van het akkoord (Es) een kleine terts is. De noot Es zelf wordt dan ook de kleine terts genoemd (in de grondtoon C). In plaats van C mineur, wordt dit akkoord ook vaak C kleine terts genoemd, of simpelweg C klein.

Nog een paar voorbeelden:

  • De A mineur drieklank. Laten we weer beginnen met de A mineur toonladder:

A    B    C    D    E    F    G    A

De 1ste, 3de en 5de noot uit de toonladder zijn: A, C en E

De A mineur drieklank is dus:

A    C    E

A mineur drieklank

  • De Es (Eb) mineur drieklank. De Es mineur toonladder is:

Es    F    Ges    As    Bes    Ces    Des    Es

De 1ste, 3de en 5de noot uit de toonladder zijn: Es, Ges en Bes

De Es mineur drieklank is dus:

Es    Ges    Bes

Es mineur drieklank

Notatie

Er zijn verschillende notaties voor de mineur drieklank:

  • De grondtoon gevolgd door de letters “min”, bijvoorbeeld: Cmin
  • Grondtoon plus de letter “m”, bijvoorbeeld: Cm
  • De grondtoon gevolgd door het minus symbool , bijvoorbeeld: C-
  • Door de grondtoon met een kleine letter te schrijven, bijvoorbeeld: c (deze laatste schrijfwijze wordt in Nederland gebruikt, niet in het engelstalige systeem!)

Opmerking: Misschien is het je opgevallen dat als je een majeur drieklank en een mineur drieklank met elkaar vergelijkt, er slechts één noot verschillend is, de andere 2 noten zijn exact dezelfde.

Kijk maar eens naar de drieklanken van C majeur en C mineur:

C majeur drieklank:     C     E     G

C mineur drieklank:     C    Es    G

In de mineur drieklank is de middelste noot een halve toon lager. In veel gevallen is het eenvoudiger om de mineur drieklank te vormen door van de majeur drieklank de grote terts met een halve toon te verlagen tot de kleine terts, in plaats van de 1ste, 3de en 5de noot te nemen van de mineur toonladder.

Mineur septiem akkoorden

Net zoals bij majeur akkoorden met een toegevoegde septiem, kun je dit ook bij mineur akkoorden doen. Je kunt dus een mineur drieklank nemen en daar een groot of een klein septiem aan toevoegen.

Het toevoegen van een groot septiem aan een mineur drieklank resulteert in een akkoord dat voornamelijk in jazz wordt gebruikt. In andere genres wordt meestal alleen maar de kleine septiem aan een mineur drieklank toegevoegd, dus daar begin ik eerst mee.

Een mineur septiem akkoord ontstaat wanneer aan een mineur drieklank een klein septiem wordt toegevoegd.

Voor de bovenstaande drie mineur drieklanken levert dat dus de volgende mineur septiem akkoorden op:

  • Het akkoord C mineur septiem bestaat uit de C mineur drieklank en de kleine septiem in de grondtoon C: de Bes.

De noten van C mineur septiem zijn dus:    C    Es    G    Bes

C mineur septiem

  • Het akkoord A mineur septiem bestaat uit de A mineur drieklank en de kleine septiem in de grondtoon A: de G.

De noten van A mineur septiem zijn dus:  A    C    E    G

A mineur septiem

  • Het akkoord Es mineur septiem bestaat uit de Es mineur drieklank en de kleine septiem in de grondtoon Es: de Des.

De noten van Es mineur septiem zijn dus:  Es    Ges    Bes    Des

Es mineur septiem

De notatie van mineur septiem akkoorden is als volgt (bijvoorbeeld voor de grondtoon C):

  • Cmin7
  • Cm7
  • C-7

Mineur majeur septiem akkoorden

Als we aan een mineur drieklank een groot septiem toevoegen, dan krijgen we een zogenaamd mineur majeur septiem akkoord.

Zoals ik hierboven al zei: dit akkoord wordt niet veel gebruikt (komt voornamelijk in jazz voor). Als je net met muziek (theorie) begint, dan zou ik deze akkoorden in eerste instantie gewoon overslaan.

Voorbeelden:

  • Het C mineur majeur septiem akkoord onstaat door toevoeging van het groot septiem in de grondtoon C (de B) aan de C mineur drieklank. De noten zijn dus:

C    Es    G    B

C mineur majeur septiem

  • Het A mineur majeur septiem akkoord onstaat door toevoeging van het groot septiem in de grondtoon A (de Gis) aan de A mineur drieklank. De noten zijn dus:

A    C    E    Gis

A mineur majeur septiem

  • Het Es mineur majeur septiem akkoord onstaat door toevoeging van het groot septiem in de grondtoon Es (D) aan de Es mineur drieklank. De noten zijn dus:

Es    Ges    Bes    D

Es mineur majeur septiem

De notatie voor mineur majeur septiem akkoorden is als volgt (bijvoorbeeld voor de grondtoon C):

  • CmΔ
  • C-Δ

Opmerking: De naam “mineur majeur septiem” komt in het begin een beetje vreemd over: is het nu mineur of majeur? De “mineur” in de naam slaat op de kleine terts in het akkoord (dus bijvoorbeeld de Es in het C mineur akkoord). De “majeur” in de naam slaat op de grote septiem. In het Engels bijvoorbeeld zijn de termen “klein” en “groot” respectievelijk “minor” en “major”, zo is een groot septiem in het Engels een “major seventh”.

Alle andere mineur akkoorden

Met behulp van de hierboven gegeven informatie kun je nu zelf uitzoeken hoe alle mineur akkoorden (dus mineur drieklanken, mineur septiem akkoorden en eventueel ook mineur majeur septiem akkoorden) er in alle 12 grondtonen uitzien.

Begin eerst met alle drieklanken (je zou in de les over mineur toonladders kunnen kijken naar de toonladders en dan de 1ste, 3de en 5de noot kunnen nemen, of direct de majeur drieklanken nemen in de les over majeur akkoorden en alleen de grote terts in een kleine terts veranderen).

Hierna hoef je alleen nog de kleine of grote septiem toe te voegen voor respectievelijk de mineur septiem akkoorden en de mineur majeur septiem akkoorden.

Als je klaar bent, kun je je antwoorden hieronder controleren.

Voor de volledigheid heb ik in de onderstaande tabellen voor de grondtonen met een zwarte toets-noot ook de akkoorden van de enharmonisch gelijke grondtoon opgenomen (ik heb dus bijvoorbeeld niet alleen maar het Es mineur septiem akkoord genoteerd, maar ook het Dis mineur septiem akkoord).

Mineur drieklanken

De volgende tabel is niet in de volgorde van de kwintencirkel. Eerst komen de grondtonen met een witte toets, daarna de grondtonen met een zwarte toets.

AkkoordNoten in het akkoord
(Nederlands)
Noten in het akkoord
(engelstalig)
CmC Es GC Eb G
DmD F AD F A
EmE G BE G B
FmF As CF Ab C
GmG Bes DG Bb D
AmA C EA C E
BmB D FisB D F#
C#m
Dbm
Cis E Gis
Des Fes As
C# E G#
Db Fb Ab
D#m
Ebm
Dis Fis Ais
Es Ges Bes
D# F# A#
Eb Gb Bb
F#m
Gbm
Fis A Cis
Ges Beses Des
F# A C#
Gb Bbb Db
G#m
Abm
Gis B Dis
As Ces Es
G# B D#
Ab Cb Eb
A#m
Bbm
Ais Cis Eis
Bes Des F
A# C# E#
Bb Db F

Mineur septiem akkoorden

De volgende tabel is niet in de volgorde van de kwintencirkel. Eerst komen de grondtonen met een witte toets, daarna de grondtonen met een zwarte toets.

AkkoordNoten in het akkoord
(Nederlands)
Noten in het akkoord
(engelstalig)
Cm7C Es G BesC Eb G Bb
Dm7D F A CD F A C
Em7E G B DE G B D
Fm7F As C EsF Ab C Eb
Gm7G Bes D FG Bb D F
Am7A C E GA C E G
Bm7B D Fis AB D F# A
C#m7
Dbm7
Cis E Gis B
Des Fes As Ces
C# E G# B
Db Fb Ab Cb
D#m7
Ebm7
Dis Fis Ais Cis
Es Ges Bes Des
D# F# A# C#
Eb Gb Bb Db
F#m7
Gbm7
Fis A Cis E
Ges Beses Des Fes
F# A C# E
Gb Bbb Db Fb
G#m7
Abm7
Gis B Dis Fis
As Ces Es Ges
G# B D# F#
Ab Cb Eb Gb
A#m7
Bbm7
Ais Cis Eis Gis
Bes Des F As
A# C# E# G#
Bb Db F Ab

Mineur majeur septiem akkoorden

De volgende tabel is niet in de volgorde van de kwintencirkel. Eerst komen de grondtonen met een witte toets, daarna de grondtonen met een zwarte toets.

AkkoordNoten in het akkoord
(Nederlands)
Noten in het akkoord
(engelstalig)
CmΔC Es G BC Eb G B
DmΔD F A CisD F A C#
EmΔE G B DisE G B D#
FmΔF As C EF Ab C E
GmΔG Bes D FisG Bb D F#
AmΔA C E GisA C E G#
BmΔB D Fis AisB D F# A#
C#mΔ
DbmΔ
Cis E Gis Bis
Des Fes As C
C# E G# B#
Db Fb Ab C
D#mΔ
EbmΔ
Dis Fis Ais Cisis
Es Ges Bes D
D# F# A# C##
Eb Gb Bb D
F#mΔ
GbmΔ
Fis A Cis Eis
Ges Beses Des F
F# A C# E#
Gb Bbb Db F
G#mΔ
AbmΔ
Gis B Dis Fisis
As Ces Es G
G# B D# F##
Ab Cb Eb G
A#mΔ
BbmΔ
Ais Cis Eis Gisis
Bes Des F A
A# C# E# G##
Bb Db F A

Het is heel belangrijk om snel de noten bij een akkoord te kennen zodat je als je muziek speelt meteen het juiste akkoord kunt spelen zonder na te hoeven denken. Daarom moet je goed en veel oefenen. De interactieve oefeningen die hieronder staan aangegeven, zijn uitstekend om snel en op een efficiente manier de hierboven geleerde akkoorden te oefenen.

Aanbevolen oefeningen

Mineur drieklanken

Plaats de noten van een mineur drieklank op een pianoklavier

Mineur septiem akkoorden

Plaats de noten van een mineur septiem akkoord op een pianoklavier

Mix van mineur en majeur akkoorden

Het is ook goed eens alle akkoorden tot nu toe geleerd door elkaar te oefenen (dus ook met majeur-akkoorden):

Plaats de noten van een mineur/dominant/majeur septiem akkoord op een pianoklavier

Majeur akkoorden

Je kunt deze les als een video bekijken (hieronder), maar je kunt deze les onder de video ook gewoon lezen.
Voor de interactieve oefeningen die bij deze les horen, scroll helemaal naar beneden op deze pagina.

Hoe worden majeur akkoorden gevormd ? De belangrijkste eigenschap van een majeur akkoord is de aanwezigheid van een grote terts interval tussen de grondtoon en de 2de noot van het majeur akkoord. Je kunt majeur drieklanken en ook majeur akkoorden met een septiem maken.

Wil je horen hoe de verschillende soorten akkoorden klinken, ga dan naar de les “Wat zijn akkoorden? Hoe klinken ze?”.

Majeur drieklanken

Een majeur drieklank wordt gevormd door de grondtoon (1ste), 3de en 5de noot van de majeur toonladder te nemen.

Voorbeeld: de C majeur drieklank wordt gevormd door de grondtoon, 3de en 5de noot van de C majeur toonladder. De C majeur toonladder is natuurlijk bekend:

C    D    E    F    G    A    B    C

De 1ste, 3de en 5de noot zijn:

C    E    G

C majeur drieklank

De bovenstaande 3 noten vormen dus bij elkaar de C majeur drieklank.

Merk op dat het interval tussen de grondtoon C en de 2de noot van het akkoord (E) een grote terts is. De noot E zelf wordt dan ook de grote terts genoemd (in de grondtoon C). In plaats van C majeur, wordt dit akkoord ook vaak C grote terts genoemd, of simpelweg C groot.

Nog een paar voorbeelden:

  • De A majeur drieklank. Laten we weer beginnen met de A majeur toonladder:

A    B    Cis    D    E    Fis    Gis    A

De 1ste, 3de en 5de noot uit de toonladder zijn: A, Cis en E

De A majeur drieklank is dus:

A    Cis    E

A majeur drieklank

  • De Es (Eb) majeur drieklank. De Es majeur toonladder is:

Es    F    G    As    Bes    C    D    Es

De 1ste, 3de en 5de noot uit de toonladder zijn: Es, G en Bes

De Es majeur drieklank is dus:

Es    G    Bes

Es majeur drieklank

Wat betreft de notatie van majeur drieklanken: meestal wordt volstaan met de vermelding van simpelweg de grondtoon, dus de C majeur drieklank wordt gewoon aangeduid met de letter C.

De context moet dan uitwijzen of we met de noot C hebben te maken, of met het akkoord (drieklank) C majeur.

Majeur septiem akkoorden

Majeur septiem akkoorden ontstaan wanneer je aan een majeur drieklank ook nog een 4de noot toevoegt: de 7de noot van de majeur toonladder.

In de toonladder van C majeur is dat een B. Het C majeur septiem akkoord bestaat dus uit de noten:

C    E    G    B

C majeur septiem akkoord

Merk op dat het interval van de grondtoon C tot de 7de noot in de toonladder een grote septiem is.

Er zijn verschillende notaties voor een majeur septiem akkoord. Zo kan een C majeur septiem akkoord op de volgende manieren worden genoteerd:

  • Cmaj7
  • CM7

Nog 2 voorbeelden:

  • Het A majeur septiem akkoord.

De 7de noot in de A majeur toonladder is Gis. Voeg deze toe aan de A majeur drieklank (zie hierboven). De noten voor het A majeur septiem akkoord zijn dus:

A    Cis    E    Gis

A majeur septiem

  • Het Es (Eb) majeur septiem akkoord.

De 7de noot in de Es majeur toonladder is D. Voeg deze toe aan de Es majeur drieklank (zie hierboven). De noten voor het Es majeur septiem akkoord zijn dus:

Es    G    Bes    D

Es majeur septiem

Dominant septiem akkoorden

In plaats van een groot septiem (7de noot van de majeur toonladder) aan de majeur drieklank toe te voegen, kunnen we ook een klein septiem toevoegen (de groot septiem is de noot die een interval van een groot septiem met de grondtoon maakt). In de grondtoon C is dat de noot Bes (Bb).

Als we deze noot aan de C majeur drieklank toevoegen, dan krijg je:

C    E    G    Bes

C dominant septiem

Dit wordt het C dominant septiem akkoord genoemd. Het C dominant septiem akkoord wordt genoteerd als:

C7

Twee andere voorbeelden:

  • Het A dominant septiem akkoord. De 7de noot in de A majeur toonladder is Gis. Verlagen we deze met een halve toon, dan krijgen we de kleine septiem, de G. Voegen we deze toe aan een A majeur drieklank, dan krijgen we het A dominant septiem akkoord.

A dominant septiem bestaat dus uit de noten:

A    Cis    E    G

A dominant septiem

  • Het Es (Eb) dominant septiem akkoord.

De 7de noot in de Es majeur toonladder is D. Verlagen we deze met een halve toon, dan krijgen we de kleine septiem, de Des. Voegen we deze toe aan een Es majeur drieklank, dan krijgen we het Es dominant septiem akkoord.

Es dominant septiem bestaat dus uit de noten:

Es    G    Bes    Des

Es dominant septiem

Alle andere majeur akkoorden

Met de informatie in deze les kun je nu de majeur drieklanken en septiem akkoorden vinden in alle grondtonen (dus majeur drieklank, majeur septiem en dominant septiem).

Dus nogmaals, je vindt een majeur septiem akkoord door de majeur septiem (7de noot van de majeur toonladder) aan een majeur drieklank toe te voegen.

En je vindt een dominant septiem akkoord door de klein septiem toe te voegen aan een majeur drieklank.

Als je je de majeur toonladders niet meer herinnert, kijk dan even terug in de les over majeur toonladders.

Als je klaar bent, kun je hieronder je antwoorden nagaan.

Voor de volledigheid heb ik in de onderstaande tabellen voor de grondtonen met een zwarte toets-noot ook de akkoorden van de enharmonisch gelijke grondtoon opgenomen (ik heb dus bijvoorbeeld niet alleen maar het As majeur septiem akkoord genoteerd, maar ook het Gis majeur septiem akkoord).

Majeur drieklanken

De volgende tabel is niet in de volgorde van de kwintencirkel. Eerst komen de grondtonen met een witte toets, daarna de grondtonen met een zwarte toets.

DrieklankNoten in het akkoord
(Nederlands)
Noten in het akkoord
(engelstalig)
Aantal kruizen/mollen
in de toonladder
CC E GC E G0
DD Fis AD F# A2 kruizen
EE Gis BE G# B4 kruizen
FF A CF A C1 mol
GG B DG B D1 kruis
AA Cis EA C# E3 kruizen
BB Dis FisB D# F#5 kruizen
Cis (C#)
Des (Db)
Cis Eis Gis
Des F As
C# E# G#
Db F Ab
7 kruizen
5 mollen
Dis (D#)
Es (Eb)
Dis Fisis Ais
Es G Bes
D# F## A#
Eb G Bb
9 kruizen
3 mollen
Fis (F#)
Ges (Gb)
Fis Ais Cis
Ges Bes Des
F# A# C#
Gb Bb Db
6 kruizen
6 mollen
Gis (G#)
As (Ab)
Gis Bis Dis
As C Es
G# B# D#
Ab C Eb
8 kruizen
4 mollen
Ais (A#)
Bes (Bb)
Ais Cisis Eis
Bes D F
A# C## E#
Bb D F
10 kruizen
2 mollen

Majeur septiem akkoorden

De volgende tabel is niet in de volgorde van de kwintencirkel. Eerst komen de grondtonen met een witte toets, daarna de grondtonen met een zwarte toets.

AkkoordNoten in het akkoord
(Nederlands)
Noten in het akkoord
(engelstalig)
Aantal kruizen/mollen
in de toonladder
C E G BC E G B0
D Fis A CisD F# A C#2 kruizen
E Gis B DisE G# B D#4 kruizen
F A C EF A C E1 mol
G B D FisG B D F#1 kruis
A Cis E GisA C# E G#3 kruizen
B Dis Fis AisB D# F# A#5 kruizen
C#Δ
DbΔ
Cis Eis Gis Bis
Des F As C
C# E# G# B#
Db F As C
7 kruizen
5 mollen
D#Δ
EbΔ
Dis Fisis Ais Cisis
Es G Bes D
D# F## A# C##
Eb G Bb D
9 kruizen
3 mollen
F#Δ
GbΔ
Fis Ais Cis Eis
Ges Bes Des F
F# A# C# E#
Gb Bb Db F
6 kruizen
6 mollen
G#Δ
AbΔ
Gis Bis Dis Fisis
As C Es G
G# B# D# F##
Ab C Eb G
8 kruizen
4 mollen
A#Δ
BbΔ
Ais Cisis Eis Gisis
Bes D F A
A# C## E# G##
Bb D F A
10 kruizen
2 mollen

Dominant septiem akkoorden

De volgende tabel is niet in de volgorde van de kwintencirkel. Eerst komen de grondtonen met een witte toets, daarna de grondtonen met een zwarte toets.

AkkoordNoten in het akkoord
(Nederlands)
Noten in het akkoord
(engelstalig)
Aantal kruizen/mollen
in de toonladder
C7C E G BesC E G Bb0
D7D Fis A CD F# A C2 kruizen
E7E Gis B DE G# B D4 kruizen
F7F A C EsF A C Eb1 mol
G7G B D FG B D F1 kruis
A7A Cis E GA C# E G3 kruizen
B7B Dis Fis AB D# F# A5 kruizen
C#7
Db7
Cis Eis Gis B
Des F As Ces
C# E# G# B
Db F Ab Cb
7 kruizen
5 mollen
D#7
Eb7
Dis Fisis Ais Cis
Es G Bes Des
D# F## A# C#
Eb G Bb Db
9 kruizen
3 mollen
F#7
Gb7
Fis Ais Cis E
Ges Bes Des Fes
F# A# C# E
Gb Bb Db Fb
6 kruizen
6 mollen
G#7
Ab7
Gis Bis Dis Fis
As C Es Ges
G# B# D# F#
Ab C Eb Gb
8 kruizen
4 mollen
A#7
Bb7
Ais Cisis Eis Gis
Bes D F As
A# C## E# G#
Bb D F Ab
10 kruizen
2 mollen

Het is heel belangrijk om snel de noten bij een akkoord te kennen zodat je als je muziek speelt meteen het juiste akkoord kunt spelen zonder na te hoeven denken. Daarom moet je goed en veel oefenen. De interactieve oefeningen die hieronder staan aangegeven, zijn uitstekend om snel en op een efficiente manier de hierboven geleerde akkoorden te oefenen.

Aanbevolen oefeningen

Majeur drieklanken

Plaats de noten van een majeur drieklank op een pianoklavier

Dominant septiem akkoorden

Plaats de noten van een dominant septiem akkoord op een pianoklavier

Majeur septiem akkoorden

Plaats de noten van een majeur septiem akkoord op een pianoklavier

Wat zijn akkoorden ? Hoe klinken ze ?

Wat zijn akkoorden?

Je kunt deze les als een video bekijken (hieronder), maar je kunt deze les onder de video ook gewoon lezen.

Een akkoord is een groepje noten (meestal 3 of meer) die tegelijkertijd of vlak achter elkaar gespeeld worden.

Als in een muziekstuk verschillende akkoorden na elkaar  voorkomen, spreken we van een akkoordprogressie (of akkoordenreeks), zoals bijvoorbeeld in een blues-akkoordprogressie.

Verschillende soorten akkoorden

Hieronder vind je een korte beschrijving van de meest voorkomende soorten akkoorden in westerse muziek.

Wil je een meer gedetailleerde beschrijving van de verschillende akkoordsoorten, kijk dan naar de lessen over majeur-, mineur– en verminderde– akkoorden.

Drieklanken

Een speciaal soort akkoord dat vaak in westerse muziek voorkomt is een drieklank (triad in het Engels).

De naam drieklank zegt het al: een drieklank is een akkoord dat bestaat uit drie verschillende noten.

Deze noten bestaan gewoonlijk uit de grondtoon, de 3de noot en de 5de noot van een bepaalde toonladder. Deze toonladder kan mineur, majeur of een andere soort toonladder zijn.

Septiemakkoorden

Een septiemakkoord bestaat in zijn meest elementaire vorm uit 4 noten (maar kan dus ook uit meer noten bestaan): de grondtoon, de 3de noot, 5de noot en 7de noot van een toonladder (majeur, mineur, …). Je kunt een septiemakkoord dus zien als een drieklank met een toegevoegde 7de noot (septiem).

Deze toegevoegde septiem kan een groot septiem, een klein septiem, of een verminderd septiem zijn.

Hoe klinken de verschillende soorten akkoorden?

Voordat we in de volgende lessen dieper ingaan op hoe precies een akkoord wordt opgebouwd, is het belangrijk je een idee te geven hoe de verschillende akkoordsoorten klinken. Je kunt hieronder naar de geluidsfragmenten van de verschillende akkoordsoorten luisteren.

De grondtoon in de geluidsfragmenten is telkens C. Zo kun je de verschillende akkoordsoorten goed met elkaar vergelijken.

Drieklanken

  • C majeur drieklank. Notatie: C akkoord of C drieklank, maar meestal gewoon simpelweg: C
  • C mineur drieklank. Notatie: Cmin or Cm of C-, of wordt soms aangeduid met de kleine letter c
  • C verminderde drieklank. Notatie: Cdim of Cº
  • C overmatige drieklank. Notatie: C+

Septiemakkoorden

  • C dominant septiem akkoord. Notatie: C7
  • C majeur septiem akkoord. Notatie: Cmaj7 of CM7 of CΔ7
  • C mineur septiem akkoord. Notatie: Cmin7 of Cm7 of C-7
  • C mineur majeur septiem akkoord. Notatie: C-Δ7
  • C verminderd septiem akkoord. Notatie: Cº7 of Cº of Cdim7
  • C halfverminderd septiem akkoord. Notatie: Cm7b5 of CØ

Luister goed naar de verschillen tussen de hierboven genoemde akkoordsoorten. Bijvoorbeeld, luister eerst naar het verschil tussen majeur, mineur, verminderde en overmatige drieklanken om een idee te krijgen van hun klank. Luister daarna naar wat de toegevoegde septiem doet met de klank door:

  • Een majeur drieklank te vergelijken met een dominant septiem akkoord en met een majeur septiem akkoord (dus vergelijk C, C7 en CΔ7 met elkaar)
  • Een mineur drieklank te vergelijken met een mineur septiem akkoord en met een mineur majeur septiem akkoord (dus vergelijk Cm, Cm7 en C-Δ7 met elkaar)

De kwintencirkel

Je kunt deze les als een video bekijken (hieronder), maar je kunt deze les onder de video ook gewoon lezen.

De kwintencirkel biedt een handig overzicht van de verschillende toonladders en hoe deze met elkaar in verband staan.

Hoe wordt de kwintencirkel gevormd?

In een vorige les (majeur toonladders) vertelde ik dat als je begint met de grondtoon C, elke keer als je de majeur toonladder een kwint omhoog neemt, deze één extra kruis in de toonladder krijgt.

En omgekeerd, als je vanaf C majeur elke keer een kwint omlaag gaat (of een kwart omhoog, dat geeft hetzelfde resultaat), dan krijg je een extra mol in de majeur toonladder.

Je zou alle grondtonen van de majeur toonladders op een rij kunnen weergeven met C in het midden.

Aan de linkerkant van de C komen alle majeur toonladders met mollen, waarbij elke stap naar links een kwint naar beneden is (of een kwart omhoog) en een extra mol in de toonladder geeft.

Aan de rechterkant van de C komen alle majeur toonladders met kruizen, waarbij elke stap naar rechts een kwint naar boven is (of een kwart naar beneden) en een extra kruis in de toonladder geeft.

Ges      Des      As      Es      Bes      F        C        G        D        A        E        B       Fis

Het is belangrijk te beseffen dat de toonladder helemaal aan de linkerkant (Ges) en de toonladder helemaal aan de rechterkant (Fis) eigenlijk dezelfde toonladders zijn, aangezien Ges (Gb) en Fis (F#) dezelfde noot zijn, alleen anders geschreven: ze zijn enharmonisch equivalent.

Dus dat betekent dat we deze reeks toonladders in een cirkel kunnen weergeven:

kwintencirkel majeur

Aan de rechterkant van de cirkel staan de majeur toonladders met kruizen, aan de linkerkant de toonladders met mollen.

Elke stap met de klok mee (dus dit komt overeen met een stap naar rechts in onze reeks hierboven) betekent een kwint omhoog (of een kwart omlaag) en dus een extra kruis in de toonladder.

Elke stap tegen de klok in betekent een kwint omlaag (of een kwart omhoog) en dus een extra mol in de toonladder.

We noemen deze cirkel de kwintencirkel.

Aangezien een kwint omhoog overeenkomt met een kwart omlaag (en omgekeerd), zou je de kwintencirkel ook wel kwartencirkel kunnen noemen.

De mineur toonladders in de kwintencirkel

Aangezien de natuurlijk mineur toonladders precies dezelfde noten bevatten als hun relatieve majeur toonladders, kan de kwintencirkel ook gebruikt worden om de natuurlijk mineur toonladders in weer te geven.

Omdat bijvoorbeeld A natuurlijk mineur uit exact dezelfde noten bestaat als C majeur, kunnen we A mineur op dezelfde plaats in de kwintencirkel zetten als C majeur.

Zo kunnen we elke natuurlijk mineur toonladder op dezelfde plaats in de kwintencirkel zetten als zijn relatieve majeur toonladder. We krijgen dan de volgende uitgebreide kwintencirkel:

(de mineur toonladders worden hierin aangegeven door de nootnaam gevolgd door een klein ‘m’)

kwintencirkel mineur en majeur

Waarom heb je een kwintencirkel nodig?

Er zijn veel gevallen te noemen waarbij het handig is een kwintencirkel te gebruiken. Ik noem er hier 3:

  • In de uitgebreide kwintencirkel heb je een snel en duidelijk overzicht van het aantal kruizen en mollen in elke majeur en natuurlijk mineur toonladder plus een overzicht van alle relatieve mineur/majeur verhoudingen.
  • Een kwintencirkel kan gebruikt worden om makkelijk een muziekstuk te transponeren.
  • De kwintencirkel laat ook heel duidelijk zien waarom majeur toonladders die een zwarte toets-noot als grondtoon hebben in de meeste gevallen (behalve bij Fis) met mollen worden geschreven in plaats van met kruizen.

Het laatste punt heeft wat uitleg nodig. Laat ik bijvoorbeeld eens kijken naar de Es (Eb) majeur toonladder die 3 mollen heeft.

Es (Eb) is enharmonisch gelijk aan Dis (D#), dus laten we eens kijken naar hoe de Dis majeur toonladder eruit ziet.

Laten we eerst eens onderzoeken hoeveel kruizen er in de Dis majeur toonladder zitten: we beginnen in de kwintencirkel bij Fis (F#) majeur, deze majeur toonladder heeft 6 kruizen.

Vanaf Fis, gaan we in 3 stappen naar Dis (Fis -> Cis -> Gis -> Dis). Herinner je dat elke stap met de klok mee overeenkomt met een extra kruis in de toonladder. Dus vanaf Fis, met 6 kruizen, komen er 3 kruizen bij. Dis majeur heeft dus in totaal 9 kruizen!

Kwintencirkel Dis majeur 9 kruizen

Laten we eens met behulp van de majeur-formule (1    1    ½     1    1    1    ½ ) de noten van de Dis majeur toonladder bepalen:

Vanaf:

  • Dis (D#), een hele toon (1) naar Eis (E#)
  • Eis (E#), een hele toon (1) naar Fisis (F##) (!)
  • Fisis (F##), een halve toon (½) naar Gis (G#)
  • Gis (G#), een hele toon (1) naar Ais (A#)
  • Ais (A#), een hele toon (1) naar Bis (B#)
  • Bis (B#), een hele toon (1) naar Cisis (C##) (!)
  • Cisis (C##), een halve toon (½) naar Dis (D#)

Dus de Dis (D#) majeur toonladder is:

Dis    Eis    Fisis    Gis    Ais    Bis    Cisis    Dis

(D#     E#     F##    G#     A#    B#      C##    D#)

Zoals je ziet : een totaal van 9 kruizen (tel D# niet dubbel !).

Vergelijk dit eens met de Es (Eb) majeur toonladder:

Eb    F    G    Ab    Bb    C    D    Eb

En nu vraag ik je: “Welke majeur toonladder heb jij liever? Die van Es majeur (3 mollen) of die van Dis majeur (9 kruizen).”

Ik denk dat ik het antwoord al weet…

Natuurlijk mineur toonladders

Je kunt deze les als een video bekijken (hieronder), maar je kunt deze les onder de video ook gewoon lezen.
Voor de interactieve oefeningen die bij deze les horen, scroll helemaal naar beneden op deze pagina.

Allereerst: waarom heb ik het over een “natuurlijk mineur toonladder” en niet gewoon over “mineur toonladder”? Ik noemde ook een majeur toonladder gewoon “majeur toonladder” zonder enige andere aanduiding.

Ik doe dit, omdat er maar één soort majeur toonladders is, maar er zijn wel 3 soorten mineur toonladders:

  • De natuurlijk mineur toonladder
  • De harmonisch mineur toonladder
  • De melodisch mineur toonladder

In deze les ga ik het alleen maar over de natuurlijk mineur toonladder hebben, de andere 2 mineur toonladders komen later aan bod.

De natuurlijk mineur toonladder

Als je eenmaal weet hoe je een majeur toonladder moet vormen, dan is het heel makkelijk om een mineur toonladder te vinden. Voordat ik de algemene regel geef, laat ik je eerst een voorbeeld zien:

A natuurlijk mineur

In dit voorbeeld laat ik je zien hoe je de A natuurlijk mineur toonladder vormt.

Zoals ik al zei, het is heel makkelijk. De noten in de A natuurlijk mineur toonladder zijn exact dezelfde noten als in de C majeur toonladder. Dus dat zijn gewoon de witte toets-noten op het pianoklavier.

Het enige verschil met de C majeur toonladder is dat de A natuurlijk mineur toonladder op A begint en niet op C.

Dus, de A natuurlijk mineur toonladder is:

A natuurlijk mineur toonladder

A    B    C    D    E    F    G    A

Aangezien A natuurlijk mineur en C majeur uit exact dezelfde noten bestaan (ze beginnen alleen op een andere noot), zeggen we dat “A mineur en C majeur parallelle toonaarden zijn”.

Elke (natuurlijk) mineur toonladder heeft zijn parallelle majeur toonladder (en ook omgekeerd), de vraag is alleen: “Hoe vind ik de parallelle majeur toonladder  die bij een natuurlijk mineur toonladder hoort”?

Kijk daarvoor eerst naar ons laatste voorbeeld: de parallelle majeur toonladder van A mineur is C majeur. C is een kleine terts hoger dan A.

C natuurlijk mineur

Dus als je bijvoorbeeld wilt uitzoeken hoe de C natuurlijk mineur toonladder eruit ziet, dan moet je vanaf C een kleine terts omhoog gaan. Een kleine terts omhoog vanaf C brengt je bij de noot Es (Eb).

Dit betekent dus dat Es majeur de parallelle majeur toonladder is van C mineur.

Met andere woorden: de noten in de C natuurlijk mineur toonladder zijn exact dezelfde als de noten in de Es majeur toonladder, alleen begint C natuurlijk mineur op C en niet op Es.

Ter herinnering toon ik hier nog even de Es majeur toonladder:

Es    F    G    As    Bes    C    D    Es

De C natuurlijk mineur toonladder bestaat uit dezelfde noten en is dus:

C natuurlijk mineur toonladder

C    D    Es    F    G    As    Bes    C

De andere natuurlijk mineur toonladders

Op dezelfde manier kun je alle andere natuurlijk mineur toonladders zelf uitzoeken. Begin bijvoorbeeld bij de lijst met majeur toonladders en vind bij elke majeur toonladder zijn parallelle mineur toonladder (dus omgekeerd aan ons voorbeeld hierboven waarbij we de C natuurlijk mineur toonladder wilden bepalen en we eerst de parallelle majeur van C mineur zochten).

Dus, ga als volgt te werk:

  1. Neem een majeur toonladder uit de lijst met majeur toonladders (het beste is om de lijst gewoon in volgorde af te werken)
  2. Vind de parallelle mineur van de majeur toonladder (ga een kleine terts omlaag)
  3. De natuurlijk mineur toonladder van die noot is dezelfde als de majeur toonladder, maar begint met de grondtoon van van die parallelle mineur toonladder

Misschien is het duidelijker met een voorbeeld:

  1. Stel we nemen de Des (Db) majeur toonladder uit de lijst met majeur toonladders.
  2. Wat is de parallelle mineur van Des majeur? Een terts omlaag brent ons bij Bes (Bb) (dus niet Ais (A#), want in de majeur toonladder van Des is het een Bes).
  3. De natuurlijk mineur toonladder van Bes heeft dus dezelfde noten als de Des majeur toonladder, alleen begint deze op Bes en niet op Des.

N.B: De omkering van een kleine terts is een grote sext. Dus in plaats van een kleine terts omlaag te gaan, kun je ook een grote sext omhoog gaan. Dat betekent dat om de parrallel mineur te vinden, je gewoon de 6e noot uit de majeur toonladder kunt nemen (kijk maar naar de C majeur toonladder: de 6e noot is een A en A mineur is de parallelle mineur van C majeur).

OK, probeer nu alle natuurlijk mineur toonladders te vinden. De antwoorden vind je direct hieronder:

Alle natuurlijk mineur toonladders

Eerst de tabel met kruizen:

Natuurlijk mineur toonladder van:Parallelle majeur:Noten in de natuurlijk mineur toonladder:Aantal kruizen:
ACA B C D E F G A0
EGE Fis G A B C D E
(E F# G A B C D E)
1
BDB Cis D E Fis G A B
(B C# D E F# G A B)
2
Fis (F#)AFis Gis A B Cis D E Fis
(F# G# A B C# D E F#)
3
Cis (C#)ECis Dis E Fis Gis A B Cis
(C# D# E F# G# A B C#)
4
Gis (G#)BGis Ais B Cis Dis E Fis Gis
(G# A# B C# D# E F# G#)
5
Dis (D#)Fis (F#)Dis Eis Fis Gis Ais B Cis Dis
(D# E# F# G# A# B C# D#)
6

En nu de tabel met mollen:

Natuurlijk mineur toonladder van:Parallelle majeur:Noten in de natuurlijk mineur toonladder:Aantal mollen:
ACA B C D E F G A0
DFD E F G A Bes C D
(D E F G A Bb C D)
1
GBes (Bb)G A Bes C D Es F G
(G A Bb C D Eb F G)
2
CEs (Eb)C D Es F G As Bes C
(C D Eb F G Ab Bb C)
3
FAs (Ab)F G As Bes C Des Es F
(F G Ab Bb C Db Eb F)
4
Bes (Bb)Des (Db)Bes C Des Es F Ges As Bes
(Bb C Db Eb F Gb Ab Bb)
5
Es (Eb)Ges (Gb)Es F Ges As Bes Ces Des Es
(Eb F Gb Ab Bb Cb Db Eb)
6

Aanbevolen oefeningen

Plaats de noten van een natuurlijk mineur toonladder op een pianoklavier

Majeur toonladders

Hoe worden majeur toonladders gevormd ?

Je kunt deze les als een video bekijken (hieronder), maar je kunt deze les onder de video ook gewoon lezen.
Voor de interactieve oefeningen die bij deze les horen, scroll helemaal naar beneden op deze pagina.

Van alle majeur toonladders is de C majeur toonladder voor pianospelers het makkelijkst, aangezien deze op C start en uit alle witte toets-noten bestaat tot de volgende C een octaaf hoger:

C majeur toonladder

Dus de noten van de C majeur toonladder zijn:  C  D  E  F  G  A  B  C .

Dit lijkt alsof de C majeur toonladder bestaat uit 8 noten, maar aangezien de C 2 keer gespeeld wordt (aan het begin en aan het eind), bestaat deze toonladder in werkelijkheid uit 7 verschillende noten.

Zoals je in de vorige les hebt kunnen lezen, wordt een toonladder bepaald door de intervallen tussen de noten waaruit deze is opgebouwd.

Laten we dus eens kijken naar de intervallen tussen de noten in deze C majeur toonladder:

Van:

  • C naar D: een hele toon (1)
  • D naar E: een hele toon (1)
  • E naar F: een halve toon (½ )
  • F naar G: een hele toon (1)
  • G naar A: een hele toon (1)
  • A naar B: een hele toon (1)
  • B naar C: een halve toon (½ )

De intervallen tussen de opeenvolgende noten in de C majeur toonladder zijn dus (zie ook figuur):

1        1        ½        1        1        1        ½

Intervallen in majeur toonladders

Aangezien alle majeur toonladders hetzelfde klinken (alleen op een andere toonhoogte), is deze structuur dezelfde voor alle majeur toonladders, het verschil is dat ze allemaal op een andere beginnoot starten (deze beginnoot wordt “grondtoon” of “tonica” genoemd, dus de grondtoon van de C majeur toonladder is de noot C).

Om andere majeur toonladders te vinden, kunnen we dus gebruikmaken van de structuur die we bij de C majeur toonladder hebben gevonden, maar moeten we dan beginnen op de andere grondtoon.

Laat ik dit toelichten aan de hand van een paar voorbeelden:

De D majeur toonladder

We starten nu dus op de grondtoon D en passen onze majeur-“formule” toe:

Vanaf:

  • D, een hele toon (1) naar E
  • E, een hele toon (1) naar Fis (F#)
  • Fis (F#), een halve toon (½ ) naar G
  • G, een hele toon (1) naar A
  • A, een hele toon (1) naar B
  • B, een hele toon (1) naar Cis (C#)
  • Cis (C#), een halve toon (½) naar D

Dus de D majeur toonladder is:  D    E    Fis (F#)    G    A    B    Cis (C#)    D

Misschien vraag je je af waarom ik de 3de en 7de noten Fis (F#) en Cis (C#) en niet Ges (Gb) en Des (Db) heb genoemd?

Dit is omdat de naamgeving van de noten in de toonladder moet voldoen aan één van de volgende 2 regels (je mag zelf kiezen welke regel je toepast, aangezien de ene regel automatisch de andere impliceert):

  • Dezelfde letter mag je niet voor 2 opeenvolgende noten gebruiken
  • Er mag geen “gat” ontstaan tussen 2 opeenvolgende noten

Laat ik deze regels enigszins toelichten:

Dezelfde letter mag je niet voor 2 opeenvolgende noten gebruiken:

Stel je voor dat ik in de D majeur toonladder Ges (Gb) in plaats van Fis (F#) had gebruikt. De eerste 4 noten van de toonladder zouden dan zijn:    D    E    Ges (Gb)    G   …

Je ziet dat we in dat geval de letter G 2 keer achter elkaar gebruiken (zelfs wanneer deze de eerste keer een halve toon verlaagd is tot Ges), dus dat gaat tegen onze eerste regel in. De enige manier om dit ‘conflict’ op te lossen is door die noot Fis (F#) te noemen in plaats van Ges (Gb).

Op dezelfde manier kun je laten zien dat Cis (C#) in plaats van Des (Db) gebruikt moet worden.

Er mag geen gat ontstaan tussen 2 opeenvolgende noten:

Stel je opnieuw voor dat ik Ges (Gb) in plaats van Fis (F#) zou nemen. De eerste 4 noten zouden dan weer zijn:    D    E    Ges (Gb)    G  …

Tussen E en Ges (Gb) is nu een “gat” ontstaan, aangezien de letter F ontbreekt. We moeten dus de letters gebruiken in de volgorde zoals deze voorkomen bij de witte toetsen op het pianoklavier.

Dat kan alleen maar als de Ges (Gb) vervangen wordt door Fis (F#).

En ook hier kan je op dezelfde manier  laten zien dat je Cis (C#) in plaats van Des (Db) moet gebruiken.

De F majeur toonladder

We kunnen weer de majeur-“formule” toepassen om de F majeur toonladder te vinden:

Vanaf:

  • F, een hele toon (1) naar G
  • G, een hele toon (1) naar A
  • A, een halve toon (½ ) naar Bes (Bb)
  • Bes (Bb), een hele toon (1) naar C
  • C, een hele toon (1) naar D
  • D, een hele toon (1) naar E
  • E, een halve toon (½) naar F

Merk op dat de F majeur toonladder een mol (b) heeft, de Bes (Bb), dus geen kruis (#) zoals de D majeur toonladder.

In dit geval is de zwarte toets een Bes (Bb) en geen Ais (A#). Je kunt dat makkelijk aantonen door één van de 2 bovengenoemde regels te gebruiken.

Dus, de F majeur toonladder is:    F    G    A    Bes (Bb)    C    D    E    F

De andere majeur toonladders

Met de majeur-“formule” ( 1    1    ½    1    1    1    ½ ) en door toepassing van één van de 2 regels, kun je in principe zelf alle andere majeur toonladders vinden. Ik raad je aan deze eerst zelf uit te zoeken alvorens naar de oplossing aan het eind van deze les te kijken.

Aangezien er 12 verschillende noten zijn, zijn er ook 12 verschillende majeur toonladders.

Voordat je begint, houd even rekening met het volgende:

Zoek de toonladders uit in de volgorde zoals hieronder aangegeven, aangezien je dan elke keer één extra kruis (zwarte toets) in de toonladder krijgt.

Je begint dus bij C majeur (0 kruizen) en gaat door tot en met Fis (F#) (6 kruizen).

Vergeet niet 1 van de 2 regels voor de naamgeving van de noten toe te passen. Je vindt de juiste antwoorden aan het eind van deze les.

Volgorde voor de majeur toonladders met kruizen:

C majeur (0 kruizen)

G majeur (1 kruis)

D majeur (2 kruizen)

A majeur (3 kruizen)

E majeur ( 4 kruizen)

B majeur (5 kruizen)

Fis (F#) majeur (6 kruizen)

Misschien lijkt het je vreemd dat er 6 kruizen in een majeur toonladder kunnen voorkomen, aangezien er maar 5 verschillende zwarte toetsen zijn, maar je zult zien dat als je heel consequent één van de 2 regels toepast, er een 6de kruis verschijnt voor een witte toets-noot (als dit te lastig is, kijk dan aan het eind van deze les naar de antwoorden).

Merk op dat we telkens een extra kruis in de majeur toonladder krijgen, als we de grondtoon met een kwint verhogen (van C naar G naar D naar A…enzoverder…).

Volgorde voor de majeur toonladders met mollen:

Als je deze doet in de volgorde zoals hieronder aangegeven, dan krijg je in elke volgende toonladder telkens één extra mol (b).

Dit is het geval als we de grondtoon elke keer met een kwint verlagen (we beginnen voor de volledigheid opnieuw met C):

C majeur (0 mollen)

F majeur (1 mol)

Bes (Bb) majeur (2 mollen)

Es (Eb) majeur (3 mollen)

As (Ab) majeur (4 mollen)

Des (Db) majeur (5 mollen)

Ges (Gb) majeur (6 mollen)

(Merk op dat ik in plaats van een kwint omlaag ook had kunnen zeggen : een kwart omhoog (zie de les over omkeringen van intervallen)).

Misschien is het je opgevallen dat we 2 x 7 = 14 majeur toonladders hebben staan in de 2 bovenstaande lijsten, terwijl je er slechts 12 zou verwachten.

Dit komt omdat:

  • De C 2 keer voorkomt, telkens aan het begin van de lijst
  • De Fis (F#) uit de eerste lijst eigenlijk dezelfde noot is als de Ges (Gb) uit de 2de lijst

Fis (F#) en Ges (Gb) zijn enharmonisch gelijk. Het zijn dus eigenlijk dezelfde noten, ze worden alleen anders genoteerd.

Vergelijk hieronder maar eens de Fis majeur toonladder met de Ges majeur toonladder: elke noot lijkt totaal anders, maar als je goed kijkt, zie je dat het elke keer gaat om enharmonisch gelijke noten. De 2 toonladders zijn dus volledig identiek!

Alle majeur toonladders (de antwoorden)

OK, het is nu tijd jouw uitkomsten te vergelijken met de antwoorden hieronder.

Eerst de tabel met majeur toonladders met kruizen:

Grondtoon:Noten
(Nederlandse benamingen):
Noten
(engelstalige benamingen):
CC D E F G A B CC D E F G A B C
GG A B C D E Fis GG A B C D E F# G
DD E Fis G A B Cis DD E F# G A B C# D
AA B Cis D E Fis Gis AA B C# D E F# G# A
EE Fis Gis A B Cis Dis EE F# G# A B C# D# E
BB Cis Dis E Fis Gis Ais BB C# D# E F# G# A# B
Fis (F#)Fis Gis Ais B Cis Dis Eis FisF# G# A# B C# D# E# F#

En nu de tabel met majeur toonladders met mollen:

Grondtoon:Noten
(Nederlandse benamingen):
Noten
(engelstalige benamingen):
CC D E F G A B CC D E F G A B C
FF G A Bes C D E FF G A Bb C D E F
Bes (Bb)Bes C D Es F G A BesBb C D Eb F G A Bb
Es (Eb)Es F G As Bes C D EsEb F G Ab Bb C D Eb
As (Ab)As Bes C Des Es F G AsAb Bb C Db Eb F G Ab
Des (Db)Des Es F Ges As Bes C DesDb Eb F Gb Ab Bb C Db
Ges (Gb)Ges As Bes Ces Des Es F GesGb Ab Bb Cb Db Eb F Gb

Als je de regels goed hebt toegepast, is het je hopelijk opgevallen dat  de Fis (F#) majeur toonladder de noot Eis (E#) bevat en de Ges (Gb) majeur toonladder de noot Ces (Cb).

Dit zijn beide witte toetsen op het pianoklavier, maar worden in die toonladders geschreven als respectievelijk een noot met kruis en een noot met een mol.

Het is noodzakelijk ze op deze manier te schrijven, anders wordt niet aan de regels voldaan.

Andere harmonisch equivalente toonladders

Je vraagt je misschien af: “Waarom worden de toonladders van Fis (F#) en Ges (Gb) wel als 2 harmonisch gelijke toonladders genoemd en niet bijvoorbeeld Des (Db) en Cis (C#), of As (Ab) en Gis (G#)? Waarom worden alleen de majeur toonladders met mollen genoemd?”

Dit is beter te begrijpen als je naar de kwintencircel kijkt, maar een kort antwoord hierop is: “Natuurlijk bestaat de Cis (C#) majeur toonladder, de Gis (G#) majeur toonladder enzoverder, maar deze toonladders hebben zoveel noten met kruizen (en zelfs noten met dubbele kruizen), dat ze wel erg moeilijk te lezen worden.”

Wat heb je liever? De As (Ab) majeur toonladder met 4 mollen, of de Gis (G#) majeur toonladder met 8 kruizen? Ik denk dat de keuze snel gemaakt is…

Het is belangrijk om de majeur toonladders te kennen; bij het leren van muziektheorie is het namelijk handig als je snel de juiste noten bij een toonladder kunt plaatsen (het liefst alle 12 majeur toonladders, maar in het begin is het goed genoeg om met een aantal te beginnen en langzamerhand je “repertoire” uit te breiden). Het is daarom belangrijk om de toonladders vaak te oefenen. De onderstaande interactieve oefening is daarbij ideaal.

Aanbevolen oefeningen voor alle majeur toonladders

Plaats de noten van een majeur toonladder op een pianoklavier

Wat zijn toonladders? Majeur toonladder vs mineur toonladders

Wat is een toonladder? Hoe kun je het verschil horen tussen een majeur toonladder en een mineur toonladder?

Je kunt deze les als een video bekijken (hieronder), maar je kunt deze les onder de video ook gewoon lezen.

Wat is een toonladder?

Een toonladder is een verzameling noten (meestal 7 verschillende noten) die je in oplopende of aflopende volgorde kunt spelen of zelfs in elke andere volgorde.

Een toonladder wordt bepaald door de intervallen tussen de noten waaruit de toonladder is opgebouwd.

Zoals je zult zien, bepaalt een toonladder de sfeer van de muziek.

Het verschil tussen een majeur toonladder en een mineur toonladder

Zoals gezegd: een toonladder bepaalt de sfeer van de muziek. Hieronder kun je luisteren naar een geluidsfragment van de C majeur toonladder die in oplopende volgorde wordt gespeeld over een C majeur akkoord:

En luister nu eens naar de C (natuurlijke) mineur toonladder die in oplopende volgorde over een C mineur akkoord wordt gespeeld:

Hoor je het verschil? Het “majeur-geluid” klint veel vrolijker, het “mineur-geluid” klinkt veel triester, tragischer of melancholischer.

Misschien is het je opgevallen dat beide toonladders starten op een (lage) C en eindigen op een (hoge) C en bestaan uit 7 verschillende noten (je hoort een reeks van 8 noten, maar de C wordt 2 keer gespeeld: 1 keer de lage C in het begin, en 1 keer de hoge C aan het eind).

Aangezien zowel de mineur toonladder als de majeur toonladder op dezelfde toon beginnen en eindigen en ze allebei uit 7 verschillende noten bestaan, is het enige verschil tussen beide toonladders de intervallen tussen de noten waaruit ze zijn opgebouwd.

Meer hierover zal duidelijk worden in de lessen hoe majeur toonladders en mineur toonladders worden gevormd.