Warning: Declaration of TCB_Menu_Walker::walk($elements, $max_depth) should be compatible with Walker::walk($elements, $max_depth, ...$args) in /home/pianoweb/public_html/wp-content/plugins/thrive-visual-editor/inc/classes/class-tcb-menu-walker.php on line 0
De beste manier om snel beter te worden op de piano – 6 tips voor snelle vorderingen op de piano | PianoWebsite.nl

De beste manier om snel beter te worden op de piano – 6 tips voor snelle vorderingen op de piano

Er zijn pianisten die ondanks veel en regelmatig oefenen maar heel langzaam vooruitgang boeken.

Er zijn echter ook pianisten die juist heel snel vooruitgang boeken, terwijl ze net zoveel of misschien zelfs minder oefenen.

Wat is het verschil tussen beide soorten pianisten? Heeft de tweede groep pianisten misschien meer talent voor pianospelen dan de pianisten uit de eerste groep, of zit er misschien toch iets anders achter?

Natuurlijk, talent zal zeker ook wel een rol spelen, maar er is iets dat nog veel meer van invloed is op de mate van vooruitgang dan alleen talent.

Er zijn namelijk pianisten met talent die nauwelijks vooruitgang boeken (ondanks veel oefenen), maar er zijn ook pianisten met minder talent die wel snel vooruitkomen (en evenveel oefenen). Hoe kan dat?

Het blijkt dat de manier waarop je oefent van cruciaal belang is om snel en effectief goed te leren pianospelen.

Hieronder vind je 6 tips die je zeker zullen helpen de effectiviteit van je oefensessies op de piano aanzienlijk te verhogen.

Tip nummer 1: regelmaat

Natuurlijk is het goed om veel te oefenen: iemand die een uur lang oefent zal meer vooruitkomen dan iemand die 10 minuten oefent, dat is natuurlijk geen geheim.

Maar velen kunnen het niet opbrengen om elke dag een uur te oefenen, of het nou door tijdsgebrek of iets anders komt. En dat is helemaal niet zo erg.

Probleem is wel dat veel mensen dan als ze eenmaal tijd hebben (bijvoorbeeld in het weekend) dan ineens 2 uur achter elkaar spelen terwijl ze gedurende de hele week de piano niet hebben aangeraakt.

Het blijkt namelijk veel effectiever te zijn om elke dag (of eventueel om de dag) een korte tijd te oefenen, bijvoorbeeld 15 minuten, dan 1 keer in de week 2 uur achter elkaar (zelfs als 2 uur meer is dan 5 a 6 keer per week 15 minuten).

Regelmaat is hier dus het sleutelwoord.

En het is helemaal niet erg als je eens een keertje niet kunt. Sterker nog, af en toe een pauze doet alleen maar goed.

En: minimaal 15 minuten per dag (of om de dag) is zo veel toch niet?

Tip nummer 2: zorg voor een goede houding

Een goede houding achter de piano en een goede handpositie zijn van ‘levensbelang’ voor succes op de piano.

Je leest er meer over in mijn artikel “De beste lichaamshouding en handpositie voor pianospelen”.

Tip nummer 3: warming up

Het is goed bij het begin van een oefensessie even (kort) wat ‘warming up’ oefeningen te doen.

Zie voor een uitgebreide beschrijving hoe dat te doen in mijn artikel “Warming up voor het pianospelen”.

Tip nummer 4: begin altijd langzaam

Een grote fout die vaak gemaakt wordt is dat je het nummer meteen snel wilt kunnen spelen.

Bij sommige passages uit dat nummer lukt dat dan nog wel (enigszins), maar bij die lastige passage gaat het telkens mis: er sluipen dan elke keer weer één of meer foutjes in.

Toch blijven velen dan gewoon op het snelle tempo doorspelen, keer op keer, in de hoop dat die foutjes door het maar heel vaak te spelen op een gegeven moment wel zullen verdwijnen.

De enige effectieve manier om snel van de fouten in die moeilijke passage af te komen is het tempo te verlagen: speel het hele nummer in een (veel) lager tempo. En doe dat met een metronoom, anders loop je het risico ongemerkt tijdens het spelen het tempo te versnellen en dan kom je in die lastige passage terecht en ga je alweer te snel om dat foutloos te spelen.

Ga daarbij zo langzaam als nodig is om die passage foutloos te kunnen spelen. Lukt het je dan nog steeds niet om foutloos te spelen, kijk dan eens bij tip nummer 6.

Lukt het je uiteindelijk het hele nummer foutloos te kunnen spelen op dat langzame tempo, voer dan langzaam het tempo op: zet de metronoom ietsje hoger (bijvoorbeeld 5 beats per minute hoger) en kijk of je het hele nummer dan weer op dat hogere tempo foutloos kunt spelen. Ga zo verder door in elke stap het tempo ietsje te verhogen totdat je het hele nummer foutloos kunt spelen op het door jou gewenste tempo.

Tip nummer 5: deel het nummer op

Het beste is een nieuw nummer dat je net begint te spelen in ‘hapklare brokken’ op te delen.

Probeer dus niet meteen het hele nummer in één keer te spelen.

En hoe groot moeten die ‘brokken’ dan zijn? Dat is moeilijk te zeggen, dat hangt namelijk van het muziekstuk af. Maar neem bijvoorbeeld een muzikaal lijntje dat voor jou ‘behapbaar’ is, niet te lang, niet te kort.

Oefen goed dat ene lijntje en als je dat kunt spelen, ga dan naar het tweede lijntje en oefen dat goed.

Probeer vervolgens die twee lijntjes aan elkaar te spelen.

Ga daarna naar het derde lijntje en oefen dat en plak dan de eerste 3 lijntjes aan elkaar. Enzoverder, totdat je het hele nummer kunt spelen.

Begin daarbij altijd langzaam (zie tip nummer 4) en let er daarbij ook goed op dat de overgangen van één lijntje naar het volgende goed en soepel verlopen. Zo niet, kijk dan naar tip nummer 6.

Tip nummer 6: sta stil bij die moeilijke passage

Lukt het maar steeds niet een moeilijk passage foutloos te spelen?

Licht die passage er dan uit en oefen (langzaam in het begin, zoals altijd) alleen die passage. Speel dus niet het hele nummer, maar alleen die passage en speel dat over en over totdat je het foutloos kunt spelen.

En die passage, dat kan eventueel maar een heel klein stukje zijn, bijvoorbeeld de overgang van één noot naar de volgende. Oefen die overgang keer op keer totdat het je volledig eigen is geworden: het zit dan gewoon in je systeem gebakken. En dat betekent zowel in je geheugen, alsook in je ‘hand-geheugen’: je hand voelt dan eigenlijk aan hoe die passage (of die overgang van die ene noot naar de volgende) gespeeld moet worden.

Het komt er dus eigenlijk op neer dat je een moeilijke passage ook weer kunt opdelen in nog kleinere eenheden (zoals die overgang van één noot naar de volgende). Als je vervolgens die kleine eenheden kunt spelen (met andere woorden: ze zitten in je systeem gebakken), probeer ze dan aan elkaar te spelen.

Als je dan uiteindelijk die lastige passage goed kunt spelen, kun je het tempo weer opvoeren en uiteindelijk het hele nummer spelen.

Martin
 

Click Here to Leave a Comment Below 0 comments

Leave a Reply:

12 − 4 =